terug naar Artikelen

Els Baron

Groepsbegeleider bij Ferm Rozemarijn in Haarlem

Toen ik hier zes jaar geleden kwam werken, wist ik nog niks over antroposofie. Het was wel één van de redenen dat ik solliciteerde.

Els Baron (47) is groepsbegeleider bij Ferm Rozemarijn in Haarlem. Een buurtschap voor kinderen met een intensieve zorgvraag en jongvolwassenen die sociaal kwetsbaar zijn. Er wonen ook een aantal gezinnen die op hun eigen manier een steentje bijdragen. Met elkaar vormen zij een sociale gemeenschap. Els werkt op de groep Jade, waar zeven jongeren met een ernstige meervoudige beperking wonen. Ooit wilde ze met dove en blinde kinderen werken, maar door haar stage ontstond een klik met kinderen met een verstandelijke beperking en is die wens vervlogen. Els: 'Ik vind het heel bijzonder om die hele kleine ontwikkelingsstappen te zien. Daarnaast is de communicatie van deze jongeren niet altijd even makkelijk te lezen, maar als het je dan toch lukt... Daar haal ik ontzettend veel voldoening uit.'

'Toen ik hier zes jaar geleden kwam werken, wist ik nog niks over antroposofie. Het was wel één van de redenen dat ik solliciteerde. Ik had al eerder in een woonhuis gewerkt met jongeren met een ernstige meervoudige beperking en vroeg me daarom af wat ik bij Rozemarijn nog wilde leren. De antroposofie leek me een hele mooie aanvulling op de ervaring die ik al had. Het enige wat ik ervan wist was dat het iets met natuur te maken had en met ritmes. Dat was het. Het grappige was dat toen ik mijn collega's bij Amsta (eenzelfde soort woongemeenschap in Amsterdam) vertelde dat ik ging werken in een antroposofische setting, een aantal van hen het wel wat voor mij vond. Ik deed namelijk al het een en ander met ritme. Ik vond het een belangrijk onderdeel van mijn werk om bewust om te gaan met het op- en afbouwen van een dag. Aan het begin van de avond deed ik bijvoorbeeld de lichten en de muziek wat zachter en probeerde ik zelf rustig te praten, zodat ze al een beetje in die sluimer konden komen. Als ze eenmaal naar bed gingen, wilde ik ze echt lekker in bed leggen. Met aandacht. Hier bij Jade maken we voor alle jongeren een beeld – een tekening met een tekst – dat voor het hele jaar geldt. Die tekst lezen we elke avond voor voor het slapen gaan. In de manier waarop je het voorleest weerklinkt de intentie van wat we de jongeren met dat beeld willen meegeven. Ze genieten er echt van. Deze manier vind ik heel wat anders dan dekentje dicht, welterusten en ik zie je morgen weer.

Onze groep bestaat uit zeven jongeren met een ernstige meervoudige beperking. De jongste is 11 en de oudste 24, maar zes van hen zit in hun geestelijke ontwikkeling onder 1 jaar. Onlangs is er wel een dame bij ons komen wonen die geestelijk wat ouder is, maar die bij ons is omdat zij baat heeft bij een groep waar niet teveel een beroep op haar wordt gedaan door medebewoners. Bij ons kan ze redelijk rustig rondlopen, heeft ze niet te veel last van haar omgeving, maar vindt ze wel aansluiting met de medewerkers.

‘Ik vind het heel bijzonder om die hele kleine ontwikkelingsstappen te zien’
Als begeleider, althans zo voel ik het, ben ik eigenlijk een beetje de moeder. Als ik vroege dienst heb, ben ik er 's ochtends als ze opstaan en dan help ik ze met aankleden, tandenpoetsen en ontbijten. Sommige jongeren hoef je alleen aan te sporen, anderen moet je echt van top tot teen wassen, aankleden en eten geven. Sondevoeding hebben we hier ook. Een aantal hebben een MIC-KEY button. Dat is een soort tube die in de maag geplaatst is waardoor je zowel medicatie als voeding kan geven. Vooral het innemen van medicatie is heel lastig omdat sommigen problemen hebben met slikken. Daardoor is het voor ons niet te doen om medicijnen oraal te geven. Die MIC-KEY button is dan echt een uitkomst.
Door de week gaan ze overdag naar de dagbesteding. Voor sommigen is dat de tuinwerkplaats op Overland, maar het grootste gedeelte gaat nog naar het kinderdagcentrum. Daar hebben ze een therapeutisch leerprogramma waarin hele concrete doelen zijn afgesproken en waar ze aan werken. Alles verloopt in een herkenbaar weekritme. Zo is er op maandag altijd een weekopening met muziek, wordt er op dinsdag gekookt et cetera. Er lopen ook fysiotherapeuten rond en er is een ergotherapeut en logopedist op aanvraag. Eigenlijk is het vergelijkbaar met school.
Wat ze in de tuin doen, verschilt per jongere. De grote mannen met meer energie verrichten best zwaar werk. Een van de meiden, met een leeftijd van onder één jaar, geniet vooral van het buiten zijn en het aanschouwen van alles wat er in de tuin bloeit, groeit en gebeurt. Het vraagt best veel van de begeleiders om het programma zo te vertalen dat ook zij voldoening vindt in de tuin. Maar het gaat heel goed, ze vindt het heerlijk.
Rond 15.30 is iedereen weer terug en hebben we een eet en drinkmoment met elkaar. Voordat ze terugkomen, steek ik altijd een wierookstokje aan zodat ze zich welkom voelen en de overgang van 'werk' naar huis wat makkelijker voor ze is. Daarna gaat iedereen zo'n beetje zijn eigen gang tot aan het avondeten. Sommigen gaan even zelf spelen, anderen vinden het lekker om ergens even te liggen. Vaak gaan ook één of twee jongeren voor het eten in bad. Dan staat er één begeleider te koken en de ander is in de badkamer bezig. Na het eten begint het avond verzorgingsprogramma. Iedereen gaat om de beurt in bad, krijgt zijn of haar medicatie, lezen we iedereen dus voor en rond 21.15, 21.30 ligt iedereen in bed. Daarna heb je nog een half uurtje om de dienst af te sluiten en dan ga je weer naar huis.
Binnen Ferm Rozemarijn zijn er vier groepen: Aquamarijn, Topaas, Avonturijn en Jade. We vormen allemaal eigen teams, maar zijn wel goede buren. We helpen elkaar waar we kunnen en waar nodig. Dat past natuurlijk ook binnen de hele setting, want het is tenslotte een leefgemeenschap. Er wonen hier ook gezinnen die hun eigen bijdrage leveren. Op maandag gaan we bijvoorbeeld altijd wandelen. Iedereen die wil, kan aansluiten. De buurkinderen vinden het dan prachtig om de rolstoelen te duwen. Wat ik ook heel leuk vind, is dat wanneer ik met een van de bewoners een wandeling maak, de buurkinderen roepen, “Hee Bloem”. Bloem heeft verder geen verbinding met mensen, maar hier binnen deze gemeenschap wordt ze gezien. En dat is natuurlijk ook de bedoeling van een gemeenschap; dat je gezien wordt én dat je er een aandeel in levert.
Verder vieren we de jaarfeesten ook samen met de hele gemeenschap. Er is een jaarfeest commissie van een aantal buren en één afgevaardigde per groep. Samen bepalen we welke feesten we vieren en hoe we die gaan invullen. Afgelopen jaar hebben we voor het eerst met heel Rozemarijn Sint Jan gevierd. Bij het kinderdagcentrum lagen allemaal spellen klaar en kon je verschillende workshops volgen. Het meifeest was ook ontzettend mooi. We hadden een meiboom en iedereen was in het wit gekleed en versierd met bloemen. We hebben geprobeerd te dansen rondom de boom en er was muziek. Het was prachtig om te zien en de energie die daarvan afstroomt: de hele gemeenschap bruiste! En als ik dan op zo'n jaarfeest rondloopt, denk ik echt “och wat mooi dat ik hier onderdeel van uit mag maken.”'


Ferm Rozemarijn

door: Gino Smink & Daphne van Heerdt
Haarlem | dinsdag 2 maart

Portretten

terug naar Artikelen
''Vertouwen ziet het onzichtbare, gelooft het ongelooflijke en ontvangt het onmogelijke''

Blijf op de hoogte via onze nieuwsbrief

Geïnspireerd doorAntroposofie
Noord-Holland

Vormgeving en ontwikkeling door Ginolica