terug naar Artikelen

Jacoline Wiskerke

Kwaliteitsmedewerker Stichting Vrijescholen Ithaka

Jacoline Wiskerke kwaliteitsmedewerker bij Stiching Vrijescholen Ithaka. Met haar achtergrond als onderwijsadviseur en door haar baan als directeur van de Toermalijn, waardoor ze met beide benen in het vrijeschool onderwijs staat, heeft ze een duidelijke visie op goed onderwijs.

Jacoline Wiskerke is naast directeur van De Toermalijn ook kwaliteitsmedewerker bij Stichting Vrijescholen Ithaka. Met haar achtergrond als onderwijsadviseur en door haar baan als directeur van de Toermalijn - waardoor ze met beide benen in het vrijeschool onderwijs staat - heeft ze een duidelijke visie op goed onderwijs. 'Ik ben echt een praktijkmens, daardoor weet ik vaak wat wel en niet werkt.'

'Waar ik tegen aanloop – maar wat ik enorm interessant vind – is dat je binnen de vrijeschool veel verschillen van inzicht hebt. Ik ervaar twee stromingen. De ene wil het vrijeschool onderwijs in een modern jasje gieten en de andere wil het juist dicht bij de bron houden. Als kwaliteitsmedewerker is het onder andere mijn taak om ervoor te zorgen dat die verschillende visies bij elkaar komen. Dat kan ook, denk ik. Beiden hebben zulke waardevolle visies, dat ik niet zou willen kiezen voor het een of het ander. Ik denk dat je een kwaliteitslijn kunt uitzetten waarbij je zorgt dat je de mooie dingen die het vrijeschool onderwijs groot maken, blijft vasthouden en koesteren en tegelijkertijd met twee benen in 2019 staat. Ik fantaseer er wel eens over wat er zou gebeuren als ik Steiner vandaag de dag kon uitnodigen om iets over het vrijeschool onderwijs te vertellen. Wat zou hij dan zeggen? Ik schat dat hij iets zou vertellen over goed onderwijs dat heel duidelijk bij kinderen van deze tijd zou passen. Het beeld dat ik van Steiner heb, is dat van een hele wijze man die niet wilde voorschrijven hoe dingen moesten, maar die mensen juist tot denken wilde aanzetten. Hij had een goed gevoel voor de tijd waarin hij leefde en op basis van dat tijdsgevoel wist hij welke kant het op moest om verandering teweeg te brengen. Ik denk dat dat ook zijn boodschap zou zijn voor ons. Kijk waar je staat. Wat vraagt het leven in 2019 van ons? En wat betekent dat voor goed onderwijs? Ik denk dat als we ons die vragen stellen, we wel eens andere keuzes zouden maken dan 100 jaar geleden.'

Niet-methode gebonden toetsen

'Ik ben aangesteld om de kwaliteit van het onderwijs op alle scholen van de stichting te ondersteunen. De lat waarlangs scholen gelegd worden vanuit de onderwijsinspectie, is voor mij dan ook heel belangrijk. De inspectie kijkt op twee manieren: voldoet een school aan de basiskwaliteit en indien dat het geval is, wat voor ambities heeft die school?
Om je basiskwaliteit op orde te hebben, moet je aan een aantal criteria voldoen. Zo moet je een doorlopende leerlijn hebben en de leerlingen nauwgezet volgen o.a. door het afnemen van niet-methode gebonden toetsen. Dat laatste is een onderwerp waarover de meningen verdeeld zijn binnen het vrijeschool onderwijs. CITO is een vorm van niet-methode gebonden toetsen. En zo heb je er nog een aantal. Met bijvoorbeeld CITO, toets je wat de kinderen van de lesstof hebben opgepikt en zich eigen hebben gemaakt. Maar het geeft ook een mooi beeld van kinderen die al meer kunnen dan wat er tot dan toe is onderwezen. Die informatie komt naar boven bij niet-methode gebonden toetsen, omdat er ook sommen in staan die nog niet in de les zijn behandeld. Persoonlijk denk ik, dat als je toetsing gebruikt om de kinderen nog beter te leren kennen, je die informatie juist kunt aanwenden om de kwaliteit van je onderwijs te verbeteren. Je kunt je lesstof nog beter afstemmen op de verschillende behoeften in de klas. Dit noem je met een ingewikkeld woord formatief toetsen. Je kunt ook summatief toetsen, maar dan reken je het kind puur af op het eindcijfer. Maar dat is niet zo interessant. Zo lang je de toetsen formatief inzet, hoeft het – mijns inziens – niet te bijten met hoe het vrijeschool onderwijs is bedoeld. Juist leerkrachten van de vrijeschool staan erom bekend hun leerlingen goed te kennen en dit soort toetsen kan daar ondersteunend in zijn.

Babylonische spraakverwarring

Toch voelen mensen die er wat traditioneler in staan het anders. Die vinden die vorm van toetsen helemaal niet passen. Daarin ligt voor mij een uitdaging. Wat belangrijk is in dit gesprek is dat we van elkaar weten waar we het over hebben. Ik heb zeventien jaar met dove kinderen gewerkt en dat heeft me veel geleerd over de betekenis van woorden. Het gaat niet om de woorden die je gebruikt, maar om het hele betekenisveld erachter. Als ik tegenover iemand zit en die zegt “ik ben tegen toetsen” dan kan het zijn dat we een pittig gesprek voeren omdat ik voor ben. Maar wat belangrijk is, is om te weten welke betekenis die persoon geeft aan het woord toetsen. Als hij namelijk bedoelt te zeggen dat hij tegen summatief toetsen is, dan denken we er hetzelfde over, want dat heeft voor mij ook maar een beperkte waarde. Ik vind het als kwaliteitsmedewerker dan ook zeer belangrijk om door te vragen. Waar praten we nou precies over? Wat wordt er nou eigenlijk gezegd en bedoeld? Als je dat niet doet, kunnen er Babylonische spraakverwarringen ontstaan die onnodig veel tijd en energie kosten. Het is een kleine moeite om door te vragen en het geeft je de mogelijkheid de boel bij elkaar te krijgen of te houden. En hoe mooi zou het zijn als dat lukt? Als we met elkaar kunnen zeggen: “Weet je, wij zijn vrijescholen. Ons onderwijs wordt door de overheid bekostigd, maar wat wij daarvoor terug moeten geven, matcht één-op-één met het vrijeschool onderwijs.”


www.vsithaka.nl

door: Daphne van Heerdt & Gino Smink
Hillegom | Dinsdag 5 februari 2019

Portretten

terug naar Artikelen
''De liefde geeft ons in één tel wat we met jarenlang zwoegen en ploeteren nauwelijks weten te bereiken.''

Johann Wolfgang
von Goethe

Blijf op de hoogte via onze nieuwsbrief

Geïnspireerd doorAntroposofie
Noord-Holland

Vormgeving en ontwikkeling door Ginolica